Bert Broers

Bert Broers
Bert Broers

Ik ben geboren tijdens de barre sneeuwstormen van 14 november 1965, aan de Invasiestraat 7 in de stad Groningen. In deze stad ben ik opgegroeid. Na de lagere school ben ik naar het Augustinus College gegaan, waar ik de HAVO heb gedaan en vervolgens ben ik naar de HBO-V gegaan aan de Academie voor Gezondheidszorg Noord Nederland.
Na een paar jaar in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking in Assen en Tolbert te hebben gewerkt, ben ik een HBO-opleiding theologie gaan volgen aan de Noordelijke Hogeschool te Leeuwarden. In die tijd leerde ik mijn vrouw Helma kennen.
We zijn in 1995 getrouwd. Vijf jaar later werd in Tolbert onze zoon Arjan geboren.
In 2002 ben ik als kerkelijk werker gaan werken. Eerst in Sellingen en Vlagtwedde. Daar kregen wij onze jongste zoon Daniël. Vandaar uit zijn wij verhuisd naar Ureterp, omdat ik voor de Protestantse Gemeente te Drachten ging werken. En nu ben ik al weer enkele jaren part-time verbonden aan de Protestantse Gemeente Eben-Haëzer. Daarnaast ben ik verbonden aan de Gereformeerde Kerk van Zwartemeer. 
Door de week ben ik overdag bereikbaar op  telefoonnummer 785164 of op 0651022449.
Of per email:
 

 

 
Heeft de kerk nog toekomst? Heeft de kerk nog toekomst?

Heeft de kerk nog toekomst?

In het boek “De gemeente als herberg” van Dr. J. Hendriks staat een uitspraak van Abel Herzberg en die luidt als volgt:
”Twee dingen weet ik zeker; één ding blijft twijfelachtig. Ik weet zeker dat ik zal sterven als jood, ik weet ook zeker, dat mijn kleinzoon zal sterven als niet-jood. Hoe mijn zoons zullen sterven weet ik niet.”
Voorwaar geen optimistische uitspraak! Maar wel een uitspraak waar we ons gemakkelijk iets bij kunnen voorstellen. Want in de kerk is het al niet anders. Steeds minder mensen gaan naar de kerk en steeds minder mensen lijkt het geloof in God nog iets te zeggen.
Erg vreemd is dat niet. In plaats van op God te vertrouwen zijn we geneigd ons vertrouwen op de wetenschap te stellen. Die kan ons precies vertellen hoe oud de wereld is, hoe die is ontstaan, hoe er leven op aarde is gekomen en hoe zich daaruit de mens heeft ontwikkeld. Voor het weer varen we blind op Erwin Krol. Eten halen we uit de supermarkt; we vragen ons hooguit af wát we gaan eten want dát er eten is, daar twijfelen we geen moment aan. En ook als ons iets overkomt, vertrouwen we in eerste instantie op de wetenschap. We gaan naar de dokter en als die er niet uitkomt, stuurt die ons door naar een specialist.
Waar hebben we God voor nodig?

Voor jongeren komt daar nog iets bij. Gaan ze naar de kerk, dan is er een goede kans dat ze de enige van hun leeftijd zijn. Vrienden treffen is er niet bij, want die zijn al veel eerder tot de conclusie gekomen dat zij niets te zoeken hebben in de kerk.

Soms vraag ik me wel eens af of de kerk zichzelf niet heeft overleefd. Misschien vormen wij inderdaad wel de laatste generaties kerkleden?
Als we dat niet willen is het tijd om het tij te keren zou ik zo zeggen!
Want volgens mij hoeft de kerk helemaal niet achterhaald te zijn.
De boodschap van de kerk is helder en aantrekkelijk genoeg, maar misschien wat ondergestoft, omdat we er aan gewend zijn geraakt.
De opdracht die we hebben meegekregen is ook helder. Het is de bedoeling dat we aan de slag gaan vanuit en met ons geloof. Jezus zelf heeft het in Matteüs 13 over het Koninkrijk van God, dat is als gist, waardoor het meel rijst. Dat betekent dat de kerk als het goed is ook iets uitstraalt van zijn boodschap naar buiten toe. Dat betekent omzien naar elkaar, maar ook omzien naar de gemeenschap om ons heen. Als we als kerk aantrekkelijk willen zijn, moeten we met z’n allen de boer op met ons geloof.
Christen zijn houdt tenslotte niet op bij het bijwonen van de kerkdienst. Daar begint het pas!


Bert Broers